Voor het feest op 11 november schrijf je 'Sint-Maarten' met een koppelteken en twee hoofdletters. Dus: 'Op 11 november vieren kinderen Sint-Maarten', met streepje en met een hoofdletter S en M. 'Sint maarten' of 'sint-maarten' met kleine letters is fout als je het feest of de heilige bedoelt. In 2026 valt Sint-Maarten op woensdag 11 november, dus de komende dagen zie je de naam op posters, in schoolnieuwsbrieven en op social media.
Waarom hoofdletters en een koppelteken?
Sint-Maarten is de naam van een heilige en van een feest, en eigennamen beginnen met een hoofdletter. Omdat 'Sint' hier onderdeel van de naam is, krijgt ook dat deel een hoofdletter. Het koppelteken zorgt ervoor dat de twee woorden samen als één naam gelezen worden. Het werkt hetzelfde als bij Sint-Nicolaas, al zie je bij die laatste vaker de verkorte vorm Sinterklaas, waarover we ook de schrijfwijze van Sinterklaas hebben uitgelegd.
In de praktijk gaat het het vaakst mis op uitnodigingen en op borden bij de school. Daar staat dan 'sint maarten' of 'Sint Maarten' zonder streepje, omdat dat sneller typt. Wie in een nieuwsbrief of op een website schrijft, doet er goed aan de juiste vorm aan te houden, want teksten van scholen en verenigingen worden vaak als voorbeeld overgenomen.
Afleidingen en samenstellingen
Wie het over de viering heeft, schrijft 'Sint-Maartensdag', 'Sint-Maartensavond' en 'Sint-Maartensvuur' met een hoofdletter en een koppelteken na 'Sint'. Een woord als 'sint-maartensliedje' ziet er op papier lastig uit, maar de regel blijft: de naam houdt zijn hoofdletters, de rest van het woord is gewoon klein. Zo krijg je 'de Sint-Maartensoptocht' en 'het Sint-Maartensliedje'. In zinnen als 'we gaan lampionnen maken voor Sint-Maarten' staat de naam los, en daar blijft hij met hoofdletters.
Ook de feestdag zelf is een eigennaam. Bij kerkelijke feestdagen werkt het zo, zoals je kunt lezen in ons stuk over hoofdletters bij Allerheiligen. Een feest met een eigen naam krijgt dus een hoofdletter.
Sint Maarten zonder koppelteken: het eiland
Let op dat het Caribische eiland Sint Maarten anders geschreven wordt, namelijk zonder koppelteken. Dat is een aardrijkskundige naam met een eigen vaste schrijfwijze. Gaat je tekst over de heilige of het feest, dan gebruik je 'Sint-Maarten'. Gaat het over de vakantiebestemming, dan schrijf je 'Sint Maarten'. Wie die twee door elkaar haalt, ziet in een nieuwsbericht al snel een rare combinatie ontstaan.
Zo onthoud je het
- Het feest en de heilige: Sint-Maarten, met streepje en hoofdletters.
- De viering: Sint-Maartensdag, Sint-Maartensavond, Sint-Maartensvuur.
- Het eiland: Sint Maarten, zonder streepje.
Twijfel je in een lopende zin? Probeer dan 'Sint-Nicolaas' op die plek te zetten. Past die schrijfwijze qua vorm, dan zit je met Sint-Maarten goed. Een korte controle met zo'n vervangwoord is vaak sneller dan zoeken in een woordenboek, en hij werkt ook voor andere heiligennamen die je in november tegenkomt.