Beide mag, maar de Woordenlijst geeft de voorkeur aan een hoofdletter voor het feest zelf: 'Kerstmis' en 'Kerst' schrijf je met een hoofdletter, net als 'Eerste Kerstdag' en 'Tweede Kerstdag'. Samenstellingen zoals kerstvakantie, kerstboom en kerstdiner schrijf je met een kleine letter. In 2026 valt Eerste Kerstdag op vrijdag 25 december, dus in de week ervoor zie je deze vormen op kaarten, mails en posts volop terug.
Wanneer hoofdletter, wanneer kleine letter?
Feestdagen die een eigennaam zijn, krijgen een hoofdletter. Dat geldt voor Kerstmis, Pasen en Pinksteren, en ook voor de dagen zelf: Eerste Kerstdag, Tweede Paasdag. Zodra het woord het eerste deel van een samenstelling wordt, valt de hoofdletter weg. Een kerstkaart blijft dus een kerstkaart, ook al staat er 'Prettige Kerst' in.
- 'We vieren Kerst bij mijn ouders.' (feest, hoofdletter)
- 'Op Eerste Kerstdag is de winkel dicht.' (dag, hoofdletters)
- 'We zetten de kerstboom op 5 december.' (samenstelling, kleine letter)
- 'De kerstvakantie begint op 19 december 2026.' (samenstelling, kleine letter)
Hoe zit het met de kerstman en kerstmis zonder hoofdletter?
De kerstman is geen eigennaam in de strikte zin en wordt met een kleine letter geschreven, anders dan Sinterklaas. Ook 'kerstmis' met een kleine letter komt voor en wordt in het dagelijks gebruik niet snel als fout gezien, vooral in een gewoon bericht. In een officiële tekst of een nieuwsbrief doe je er goed aan de hoofdletter te gebruiken.
Wie meer wil weten over de regels bij maanden en vakanties, kan lezen hoe het zit met hoofdletters bij oktober en herfstvakantie. Daar werkt dezelfde redenering: maanden en seizoenen blijven klein, namen van feesten niet.
Handige geheugensteun voor de feestdagen
Vraag jezelf af of je het feest of de dag zelf bedoelt. Zo ja, hoofdletter. Gaat het om iets dat bij het feest hoort, zoals een versiering, een maaltijd of een vakantieperiode, dan is het een gewone samenstelling met een kleine letter. Houd je daaraan, dan zit je ook in je kerstgroet van 2026 altijd goed.