Fijne en foute eigenschappen met een f
Wie bewust met taal bezig is, ontdekt al snel hoe vaak we eigenschappen gebruiken om mensen te beschrijven. Zeker als jonge journalist is het handig om een goed gevoel te hebben voor woorden als flexibel, fel, vriendelijk of fout. In dit artikel kijken we naar nuttige eigenschappen met de letter f, hoe je ze herkent in interviews en verhalen, en hoe je ze scherp maar eerlijk beschrijft.
Fijne eigenschappen: van flexibel tot vriendelijk
Een van de belangrijkste eigenschappen die je als journalist vaak tegenkomt, is flexibel. Een flexibel persoon past zich makkelijk aan nieuwe situaties aan. Denk aan een ondernemer die zijn plan verandert na kritiek van klanten, of een leerling die niet opgeeft als een project anders loopt dan verwacht. Wanneer je iemand zo beschrijft, laat je zien dat die persoon bereid is mee te bewegen in plaats van vast te houden aan een mislukt idee.
Een andere veelgebruikte eigenschap is vriendelijk. Vriendelijkheid klinkt simpel, maar in verhalen kan het veel nuance geven. Iemand kan bijvoorbeeld vriendelijk zijn in contact met klanten, maar toch streng blijven in afspraken. Beschrijf dan niet alleen dat iemand vriendelijk is, maar ook hoe dat merkbaar is: lacht deze persoon veel, luistert die goed, of neemt die extra tijd voor anderen.
Flink, fanatiek en focus in verhalen
Het woord flink gebruik je vaak bij mensen die doorzetten. Een flink persoon durft moeilijke gesprekken aan te gaan of blijft werken aan een opdracht, zelfs als het tegenzit. Als journalist kun je flink mooi laten zien door concrete voorbeelden te geven van momenten waarop iemand niet opgaf.
Fanatiek is een eigenschap die zowel positief als negatief kan overkomen. Fanatiek sporten kan gezond zijn, maar fanatiek doorwerken tot diep in de nacht misschien minder. Het draait om context. Laat in je stuk duidelijk zien waar die fanatieke houding toe leidt: succes, stress of een mix van allebei.
Ook focus is een waardevolle eigenschap. Mensen met veel focus weten wat ze belangrijk vinden en laten zich niet snel afleiden. In portretten kun je beschrijven op welke doelen iemand zich richt en welke keuzes die persoon maakt om die focus vast te houden.
Fout, fel en eerlijk formuleren
Niet alle eigenschappen met een f zijn positief. De woorden fout en fel gebruiken we vaak om gedrag te bekritiseren. Iemand kan foute grappen maken of felle discussies voeren. Als jonge journalist is het je taak om duidelijk te zijn, maar ook zorgvuldig. Beschrijf het gedrag zo concreet mogelijk, zonder iemand harder te veroordelen dan nodig is.
Fel kan bijvoorbeeld betekenen dat iemand stevig zijn mening verdedigt. Dat hoeft niet altijd negatief te zijn. In een debat kan een felle spreker de spanning verhogen en een gesprek levendiger maken. Benoem daarom wat er precies gebeurt: wordt iemand persoonlijk aangevallen, of gaat het inhoudelijk hard tegen hard.
Door eigenschappen met een f bewust te gebruiken, kun je mensen in je verhalen veel scherper neerzetten. Je helpt je lezers beter te begrijpen wie iemand is, wat die persoon drijft en hoe hij of zij met tegenslag en succes omgaat.