Waarom de kledingindustrie een van de grootste vervuilers ter wereld is

Waarom de kledingindustrie een van de grootste vervuilers ter wereld is

Waarom de kledingindustrie zo vervuilend is

De kledingindustrie lijkt onschuldig: je scrolt wat op je telefoon, bestelt een goedkope trui en de volgende dag ligt hij op je deurmat. Toch is deze sector een van de grootste vervuilers ter wereld. Van de teelt van katoen tot de verbranding van afgedankte kleding: bijna elke stap in de keten kost grondstoffen, water en energie, en levert vervuiling op.

De impact van grondstoffen en watergebruik

Veel kleding begint bij katoen, een plant die extreem veel water nodig heeft. Boeren gebruiken vaak kunstmest en bestrijdingsmiddelen om de oogst te vergroten. Die stoffen komen in rivieren en bodem terecht en maken drinkwater onveiliger voor mens en dier. Synthetische stoffen zoals polyester lijken een oplossing, maar worden gemaakt uit fossiele brandstoffen. De productie daarvan zorgt voor extra uitstoot van broeikasgassen en draagt bij aan klimaatverandering.

Verven, wassen en microplastics

Na het spinnen en weven worden stoffen geverfd en behandeld zodat ze zacht aanvoelen of kreukvrij blijven. Dat gebeurt vaak in landen waar regels voor milieu en arbeidsomstandigheden minder streng zijn. De chemische stoffen die hierbij worden gebruikt, komen regelmatig ongefilterd in rivieren terecht. Dit vervuilt het water en tast lokale ecosystemen aan.

Onzichtbare vervuiling in je wasmachine

Synthetische stoffen zoals polyester, acryl en nylon slijten tijdens het dragen en vooral tijdens het wassen. Bij elke wasbeurt komen minuscule plastic vezels, microplastics, los. Deze deeltjes zijn zo klein dat waterzuiveringsinstallaties ze nauwelijks kunnen tegenhouden. Ze eindigen in rivieren en zeeën, worden opgegeten door vissen en uiteindelijk door mensen, met mogelijke gevolgen voor gezondheid en natuur.

Overproductie, wegwerpgedrag en afval

Fast fashion merken brengen continu nieuwe collecties uit, soms meerdere keren per week. Dit stimuleert consumenten om meer te kopen dan nodig is en kleding maar kort te dragen. Wat overblijft in winkels wordt soms vernietigd, verbrand of op de stort gedumpt. Dat kost niet alleen grondstoffen, maar levert ook extra uitstoot en chemische vervuiling op.

Recyclen is lastiger dan het lijkt

Recycling klinkt als de oplossing, maar in de praktijk blijkt dat ingewikkeld. Veel kleding is gemaakt van een mix van materialen, bijvoorbeeld katoen met polyester. Die vezels zijn moeilijk van elkaar te scheiden, waardoor hoogwaardige recycling zelden lukt. Vaak wordt kleding slechts downcycled: een oude trui wordt bijvoorbeeld isolatiemateriaal, niet weer een nieuwe trui. Zo blijft de vraag naar nieuwe grondstoffen hoog en verandert er weinig aan de totale vervuiling.

Wat jij als jonge consument kunt doen

Ondanks de grote problemen heb jij als jonge consument meer invloed dan je misschien denkt. Door minder te kopen en meer te letten op kwaliteit in plaats van alleen op prijs, verlaag je de vraag naar fast fashion. Kleding ruilen met vrienden, tweedehands kopen en repareren verlengen de levensduur van je garderobe. Let ook op keurmerken en transparante merken die uitleggen waar en hoe hun kleding wordt gemaakt. Hoe meer mensen bewust kiezen, hoe groter de druk wordt op bedrijven en politiek om de industrie echt te veranderen.