![]() | nieuwsitem of actualiteit: Columns
Een manke Holleerer
Een buitengewone ervaring op de beste vmbo-school van Nederland!
Gepubliceerd op 16-3-2008 20:53 door Stephanie Hoogenbeek
“De leerlingen die wat klaar zijn, mogen aan opdracht 4 beginnen”. Iedereen die deze zin leest, zal zich gegarandeerd afvragen wie deze constructie gebruikt. Je gaat schrikken als ik vertel dat het hier om een zin van een docent Nederlands gaat. Nou is het onderwijs van tegenwoordig een platgetrapt onderwerp, maar ik wil jullie er toch even een blik op laten werpen met mooie praktijkvoorbeelden. Houd hierbij in gedachten dat dit is gebaseerd op de pure werkelijkheid; geen nonsens, geen overdrijving.
Sinds enkele weken ben ik stagiaire op een vmbo-school. Niet zomaar een school, het beste vmbo-college van Nederland. Althans, dat staat vermeld op een vlag die aan de voorgevel hangt. Waaraan men het woordje ‘beste’ heeft toegekend, is mij nog onbekend. Ik observeerde de eerste twee lessen veilig achterin de klas. De docent volgde gehoorzaam het boek en vroeg een synoniem voor een ‘onnozel persoon’. Leerlingen konden met moeite op hun beurt wachten, want zowat iedereen wist wel een andere benaming voor zo’n figuur: “een rotte vis” was het antwoord waarom het meest werd gelachen. Op een gedeelde tweede plaats kwamen de termen “pielehoofd” en “ezel”. De docent vroeg elk kind om uitleg. “Wat is dat dan, een pielehoofd?” “Ja, een hoofd van een piele”, antwoordde de jongen. Logisch toch? De derde les durfde ik het aan om zelf eens een lesje te geven. Als opdracht kreeg ik het onderdeel grammatica: lidwoorden, zelfstandige naamwoorden en bijvoeglijke naamwoorden. Als voorbeeld nam ik een krant mee, zodat leerlingen konden zien dat bij koppen veelal de lidwoorden worden weggelaten en dat vaak de kernwoorden, de zelfstandige naamwoorden, het meest van belang zijn om de inhoud weer te geven. Ik las de eerste kop voor: “Holleeder heeft eigen postzegel”. Met goede moed vroeg ik de klas wat hun opviel. “Wie is Holleerer?” was hun eerste reactie. Ik kon een open mond nog net onderdrukken en vroeg netjes, zoals dat een echte juf betaamt, wie kon uitleggen wie deze meneer is. “EEN MOORDENAAR”, schreeuwde een klein kereltje van achter uit de klas. “Holleeder is de hoofdverdachte van enkele liquidatiezaken”, nuanceerde ik. Synoniemen voor ‘moord’ of ‘doodslag’ gebruik ik bij dezen nooit meer. Boos dat ze waren! Waarom ik zulke oninteressante woorden koos. Enkele stappen verder was het dan zover: ze moesten aan de gang met bijvoeglijke naamwoorden. Als tip gaf ik ze mee dat het een humoristische kop moest worden, een kop met humor. Twee tellen later riep een meisje trots dat ze een humorische kop had: “Een manke Holleerer heeft een naakte postzegel laten kreeren”. Denk je alles piekfijn te hebben uitgelegd, begint de sores opnieuw. Nou moet ik toegeven dat ik inwendig geniet van alle spontane reacties, maar tegelijkertijd is het natuurlijk om te huilen. Even dacht ik dat met deze klas niks meer te beginnen was, maar in de pauzes kreeg ik de beste tips. Een jonge docent van dertig raadde me aan om in het ‘jargon’ van de leerlingen te spreken. Bij wanorde zeg je niet ‘hou je mond’, maar ‘HOUD JE BEK’ of de meervoudsvariant ‘BEKKEN DICHT’. Luttele seconden heb ik over deze manier nagedacht, waarna ik toch heb besloten om deze nooit toe te passen. Waar gaat het niveau heen als wij als docenten ons daaraan aanpassen? Een andere docent ontmoedigde me doodeerlijk en zei dat er geen beginnen aan is. “Je zou ze ongespitst de grond in moeten stoppen”, was zijn reactie. Ik werd hier blij van, al dat optimisme. Nadat ik her en der had geluisterd, heb ik uiteindelijk besloten om geheel mijn eigen manier te ontwikkelen en proberen er het beste van te maken. Ondanks alle teleurstellingen heb ik een enorme boost energie gekregen om te kijken of ik nog iets aan deze jammerlijke situatie kan veranderen. En een verschil aanbrengen in de huidige situatie, dat lijkt me niet het moeilijkste… REACTIES: alle reacties in dit bericht
Je hebt helaas niet de toegang tot het reageren op dit artikel.
| |